Meer informatie: tekst, 'Een rozenhart voor Aalsmeer'

«culturele planologie» in een nieuw woongebied -
De ontwikkeling van de woonwijk Nieuw-Oosteinde in de gemeente Aalsmeer is
een goed voorbeeld van «culturele planologie» op menselijke schaal. Zo
gebeurt het zelden dat - zoals hier - al in een bijzonder vroege fase alle
denkbare partijen betrokken worden bij het ontwerp en de inrichting van
een nieuw woongebied. Daardoor bestond in het geval van Nieuw-Oost-
einde de mogelijkheid om binnen de culturele planologie verschillende
aspecten op het gebied van stedenbouw, landschapsarchitectuur en beel-
dende kunst zorgvuldig op elkaar af te stemmen. De opdrachtgever voor
deze opdracht was een combinatie van de Grondexploitatiemaatschappij
Aalsmeer en projectontwikkelaar Phanos.

van beelden naar pleinontwerp - Mijn deel van de opdracht bestond
uit het maken van een ontwerp op het gebied van de beeldende kunst voor
de dorpskern van de woonwijk. Dit mondde uit in een voorstel tot beelden
en verlichting in het stratenpatroon van het centrale plein van Nieuw-Oost-
einde. Hierbij bleef het echter niet, want op basis van dit plan werd mij de
gelegenheid geboden om de vormgeving van het gehele plein bij mijn ont-
werp te betrekken. Zo ontstond een langdurig en bijzonder proces waarin ik
samenwerkte en kennis uitwisselde met onder andere ontwerpbureau SVP
Architectuur en Stedenbouw.
Uiteindelijk resulteerde dit in een totaalontwerp voor het plein, met on-
der meer een vijver, een specifieke keuze voor de bestrating en voor het
materiaal van de trappen naar de waterpartij, en een zorgvuldige selectie
van het openbare groen. Er moest een plein ontstaan waarbij de inrichting
van de openbare ruimte, de gebruikte materialen en de beeldende kunst een
volledig geïntegreerd geheel zouden vormen.

de achtergrond: rozen - Als uitgangspunt voor de ontwikkeling en aan-
kleding van de nieuwe wijk werd door de opdrachtgever gekozen voor de
geschiedenis van het gebied. Het is bekend dat in het verleden van Aalsmeer
de rozenteelt een grote rol heeft gespeeld. Maar dat is niet altijd zo geweest:
Aalsmeer en omgeving waren tot de 16de eeuw een veengebied. Tussen de
16de en 18de eeuw ontstonden hier afgravingen met eilandakkertjes, waarop
onder meer fruitbomen gekweekt werden. Pas in 1868 werd de streek droog-
gemalen, en vanaf dat moment begon men met het kweken van rozen, waar
Aalsmeer later zo bekend om werd.
De roos is al lang bekend in de menselijke geschiedenis. Zo hielden de
oude Grieken rozen, maakten rozenolie, en kenden een bijzondere beteke-
nis toe aan de Rosa Gallica, die slechts één keer per jaar bloeide. Hij werd
daarom het symbool van kortstondige en voorbijgaande schoonheid. De Ro-
meinen gebruikten rozen als medicijn en in parfums, die goed van pas kwa-
men met al de open riolen in hun steden. Bij speciale gelegenheden droegen
zij rozenkransen en strooiden rozenblaadjes bij wijze van tapijt uit over de
vloer - de keizer Heliogabalus liet bij een banket zelfs al zijn gasten driemaal geheel
bedekken met rozenbladeren.
Tijdens de middeleeuwen geraakte de roos in vergetelheid, en overleefde alleen
dankzij de teelt in kloostertuinen. Dat veranderde toen de Nederlanders met hun
handelsschepen nieuwe soorten meenamen uit de Oost. Eeuwen later maakte de
eerste echtgenote van keizer Napoleon de bloem nog geliefder.
Die nieuwe populariteit in Europa leidde ook tot de keuze voor
rozenteelt in Aalsmeer.

een rozenplein voor aalsmeer - Vanuit deze achtergrond groeide het
idee de nieuwe wijk van Aalsmeer een «rozenhart» te geven. In de dorpskern van
Nieuw-Oosteinde zal de roos in verschillende vormen verschijnen. Op het plein komen diverse
beelden van grote, rode rozen. Over het plein slingert een pad van rode ledlampjes die als
fladderende rozenblaadjes over de bestrating lijken te zijn gestrooid. Mensen kunnen zo op
romantische zomeravonden flaneren over een loper van rozenblaadjes. Aan de randen van het
plein komen borders waarin bonte rozen, zoals de Rosa Nostalgia, in vele kleuren en
geuren zullen bloeien.
Verspreid over het plein komen lindes te staan en centraal zal een grote, rode
beuk verrijzen. Een ander onderdeel van het ontwerp is een eiland in de vijver,
met een grote boom en poëtische teksten op een ronde boombank. Het eiland ver-
beeldt het onbereikbare - het ligt er om ontdekt te worden, om naartoe te varen,
om daarna in stilte te peinzen op het bankje, of voor kinderen om te spelen. Helaas
is dit eiland bij de verdere ontwikkeling van het plan afgevallen; vermoedelijk om
in de toekomst op verzoek van de gemeente plaats te maken voor een fontein.
Dankzij de samenwerking tussen gemeente, projectontwikkelaar, stedenbouw-
kundig bureau, landschapsbureau en kunstenaar zal in de nieuwe woonwijk van
Aalsmeer de rozentraditie voortleven. Het plein van Nieuw-Oosteinde wordt een
warm kloppend rozenhart, een ode aan de roos en aan de mensen uit verleden en
heden die de weelde van deze bloem mogelijk hebben gemaakt.

Je te vois, rose, livre entrebaillé,
qui contient tant de pages,
de bonheur détaillé
q'on ne lira jamais. Livre-mages,

qui s'ouvre au vent et qui peut etre lu
les yeux fermés...,
dont les papillons sortent confus
d'avoir eu les memes idées.
Ik zie je openkieren, roos,
boek zo vol bladen,
verfijnd geluk,
dat niemand het ooit lezen zal. Toverboek,

dat zich opent op de wind om te worden gelezen
met gesloten ogen...,
waar vlinders van opfladderen, verward
dezelfde ideeën te hebben gehad.


Uit: rainer maria rilke, Les Roses – De rozen
(vertaling: Maria de Groot)