Hoog

Het huis was nog zo hoog.
Ik stond onder de vensterbank en zag
hoe seconden dagen werden en maanden
jaren, letters woorden, woorden zinnen,
hoe bomen hun blad verloren en de wind
steeds opnieuw zijn armen om de takken legde.
Ik voelde hoe de tijd zich vernauwde tot
een enkel woord van afscheid, een
letter, een punt na een half
uitgesproken zin.